Met de kinderen en partners en kleinkinderen een flinke buitenlandse reis. Dat was het initiatief van Ruth en Frits, en in juli en augustus 2026. Met een groep van elf personen door Argentinië en Brazilië!
Buenos Aires, 21-24 juli 2026
De vlucht was lang en krap. Ons eerste reisdoel, Buenos Aires, is een reusachtige stad met drie miljoen inwoners. Het heeft de uitstraling en de grandeur die je ook wel aantreft in meditterane grote steden: enorme regeringsgebouwen; zeker die uit de laat-19e eeuw, met indrukwekkend beeldhouwwerk. Andere gebouwen, zeker uit de 20e eeuw, kenmerken zich in een aantal gevallen door een rommelige en sleetse aanblik, met airconditioners voor de ramen en schilferend pleisterwerk.
Ons verblijf, in de wijk Retiro: een enorm appartement, zo te zien uit het fin-de-siecle, netjes gerenoveerd, met een zitkamer met bruine lambrisering en glas-in-lood, heel veel kamertjes en trapjes op onverwachte plaatsen. Voor de kleinkinderen een eldorado om verstoppertje te spelen.
De stad is druk. Het autoverkeer krijgt er veel ruimte. Onze Uber-chauffeurs gingen in veel gevallen uit van het principe: wie er het eerst is… Ook buschauffeurs zetten er flink de sokken in. De bussen, het moet gezegd, zijn op zich al bezienswaardig. Elke lijn is uitgevoerd in de meest frappante primaire kleurstellingen en zelfs de lijnnummers lijken met WordArt te zijn ontworpen. Het openbaar vervoer is eenvoudig: je checkt in met je bankpas en kunt voor een luttel bedrag met metro of bus de stad doorkruisen.
We trekken in wisselende samenstelling door de stad.
De stad biedt alles wat je ervan verwacht: veel winkels, een fraai Nationaal Historisch Museum waar de strijders voor een onafhankelijk Argentinië worden geëerd, met name Generaal José San Martin. Schilderijen, zijn zwaard en andere parafernalia, enorme heroïsche schilderijen en dito van andere generaals uit dezelfde strijd. San Martin, die de onafhankelijkheid van Argentinië bewerkstelligde, is een soort Vader des Vaderlands, en wordt ook geëerd met een naar hem genoemd plein, en vooral met een protserig praalgraf in de kathedraal, waar twee erewachten in 19e-eeuwse uniformen op wacht staan.
Bijzonder in Buenos Aires:
- Een voormalig operatheater dat is omgebouwd tot boekwinkel.
- De wijk La Boca: een volkswijk die intussen een charmante toeristenval is geworden, met kleurrijke huizen en heel veel toeristenmarktjes.
- De Recoleta-begraafplaats, een soort Argentijns Père-Lachaise waar onder meer het graf van Eva Peron veel bezoekers trekt. De aanraking van vele handen zorgen dat haar gezicht op de bronzen herdenkingsplaquette glimt.
- Een enorm natuurgebied tussen de drukke stad en de Rio de La Plata. We zagen er onder meer een rosse tijgerroerdomp, en een kuifcaracara, een forse roofvogel die doodgemoedereerd naast een parkbankje een opossum soldaat maakte.
Cafayate, 24-28 juli 2026
De vliegreis met een lokale maatschappij van Buenos Aires naar Salta is lang wachten op een overvolle luchthaven, een korte vlucht en een koffer (Sanne) die pas de volgende dag arriveert. In Salta huurauto’s opgehaald en vervolgens naar Cafayate.
De weg is tweebaans, overzichtelijk en niet druk, en ademt over grote afstanden de sfeer van een roadmovie: cactussen, lange rechte weg met elektriciteitsmasten. Onderweg verschillende bezienswaardigheden: schitterende rotsformaties met fantasierijke namen die veel toeristen trekken en zijn omgeven met handelaren in allerhande toeristische snuisterijen.
Onze verblijfplaats in Cafayate is een belangrijk deel van een oude boerderij, een wijnmakerij. Propvol antieke meubels, boeken, oude telefoons, verzamelingetjes keramiek, kunstwerken en meer, weliswaar is alles wat sleets maar het lijkt werkelijk wel een museum waar we een paar dagen in mogen wonen. Temidden van wijngaarden en met een handvol honden en paarden die over het terrein lopen.
De stad Cafayate blijkt zowaar een toeristentrekker: vanwege de fraaie omgeving ongetwijfeld, en de toeristische infrastructuur is goed ontwikkeld. Fijne restaurants, en ijswinkels met de lokale specialiteit: wijn-ijs!
In wisselende groepjes maken we uitstapjes: naar Cafayate (wijnmuseum, helaas gesloten), kathedraal, veel horeca, en San Carlos (kleiner en overzichtelijker, en het ziet er echt uit zoals je van een Zuid-Amerikaans plaatsje mag verwachten).
Een groep dapperen gaat met een gids een tocht doen langs de zeven watervallen van de Rio Colorado. Althans, één groep (Tristan, Machteld en kinderen) gaan voor de échte uitdaging van alle zeven cascades. Een kleiner groepje (Roosmarijn, Joris, James en abuelo (grootvader) Frits beperken zich tot een kortere versie met maar twee watervallen. Voor kinderen en bejaarden (de abuelo in dit geval) achten de gidsen de tamelijk veeleisende gehele tocht niet verantwoord. (Terecht, hoorden we achteraf.) Zelfs de korte route is een bizar mooi stuk natuur: flink klimmen, smalle paadjes, een flink aantal malen over stenen in de rivier oversteken. Enorme cactussen, kleurrijke rotsen: je komt ogen te kort.
Het weer is warm (voor Ruth soms iets té) maar de nachten zijn koud op zo’n 1600 meter hoogte. Het volgende reisdoel (Maimara) is nog hoger: bijna 2500 meter.
Maimará, 28 juli-1 augustus 2026
Maimará, ruim 2400 meter hoog en omringd door bergen, is een plaatsje van een paar duizend inwoners. De rit van Cafayate voert over snelwegen, maar ook gammele tweebaansweggetjes met druk verkeer. De meeste straten in het plaatsje zelf zijn onverhard. De nachten zijn koud, de dagen warm, de lucht kurkdroog. De zon schijnt onbarmhartig uit een ongelooflijk diepblauwe lucht.
Op onze eerste echte dag is Joris heel erg jarig -hij wordt zeven. Gelukkig is er in het dorp een winkel waar ze feestatttributen zoals ballonnen verkopen. Bij de cadeautjes onder meer een plaatselijke pluchen lama en een kindercamera, waarmee hij de hele dag in de weer is.
Ons reisdoel van de dag is Tilcara, een plaatsje met een deels gereconstrueerde nederzetting van de pre-spaanse bevolking en een botanische tuin met hoogteplanten, vooral heel veel cactussen. Niet dan nadat we Joris’ verjaardag hebben gevierd in een koffietentje waar een half portie gebak alsnog genoeg blijkt voor een volledige maaltijd, overigens wel heel lekker.
Op donderdag bezoek aan de Salinas Grandes, een enorme zoutvlakte, extreem hooggelegen tussen de bergen. Prachtige uitzichten en een bijzonder kleurenspel. Machteld en de kleinkinderen maken er mooie schilderijen van. Door de uitgestrektheid vermindert de perspectiefwerking en daar kun je dan weer leuke fotografische grappen mee uithalen, zonder Photoshop. De twee abuelos beperken zich, met het oog op de uitzonderlijke hoogte en de lange bergrit, tot een beperkter uitstapje naar het dorp Purmurmarca, waar de bergwanden de meest frappante kleuren vertonen. Het dorp zelf is trouwens ook één grote kleurrijke toeristenmarkt, maar dat is eigenlijk bij alle attracties in deze regio het geval. En bij ieder restaurantje staat wel een stoepier buiten om klanten naar binnen te hengelen.
Kleurrijke bergen zijn hier eigenlijk overal in de regio. De bergen naast ons verblijf dragen de naam Paleta de Pintor (schilderspalet) om voordehandliggende redenen. De uitstapjes die we verder in deze regio doen, betreffen in vrijwel alle gevallen bergen in verrassende tinten. Het plaatsje Huamarca beschikt naast kleurrijke bergen en een toeristenmarkt over een bombastisch monument op een heuvel waarmee de onafhankelijkheidsstrijders van Argentinië worden geëerd. Een kleine delegatie gaat naar een wijnproeverij: twintig jaar geleden begon men hier met de eerste wijnbouw, en het klimaat blijkt zich er goed voor te lenen. De woonwijken buiten de toeristische centra bieden opvallend vaak een erbarmelijke aanblik.
‘Ons’ dorpje is niet zo heel toeristisch, maar de onvermijdelijke toeristenmarkt is praktisch gesproken onderdeel van het stationnetje dat voor de toeristische Tren Solar nieuw is gebouwd naast het oude station.
Na een week in de prachtige bergen rond Cafayate en Maimara brengen we de huurauto’s weer terug. In Salta, een provinciehoofdstad van meer dan 600.000 inwoners bekijken we de kathedraal, (een roze suikertaart) en een museum rond goed bewaarde inca-mummies die hoog in de Andes zijn gevonden – kinderen die als ambassadeur voor de goden werden ingezet maar dat met hun dood bekochten. De vrolijke toeristenmarkten hebben hier plaats gemaakt voor vele straathandelaren die met de moed der wanhoop klanten proberen te vinden voor hun uiterst armetierig aanbod: speelgoed, snoepgoed en dergelijke.
Iguazú, 2-5 augustus 2026
Tijdens de daling van de binnenlandse vlucht naar Iguazú zie je vooral bomen en groen door het vliegtuigraampje. Eenmaal in de buitenlucht vóór de luchthaven voel je een vochtige warmte, heel anders dan de droge hitte van de Andes. Palmen en tropische planten en gekwinkeleer van (voor ons) exotische vogels. Langs de weg van de luchthaven naar de stad zie je verkeersborden die waarschuwen voor overstekende dieren: een poema, een tapir, een neusbeer. Welkom in het oerwoud.
Ons verblijf wordt gevormd door een rijtje luxe houten huisjes in een weelderige tropische tuin, met zwembad (tot plezier van de kleinkinderen, vooral een ‘bommetje’ blijft leuk…) en alle voorzieningen. Op de veranda van de kamers heb je een prachtig zicht op de tuin.
Iguazú ontleent zijn bekendheid vooral aan de indrukwekkende watervallen, die tot de grootste ter wereld behoren. Ze liggen op de grens tussen Argentinië en Brazilië en zijn vanuit beide landen te bezoeken. Een bezoek aan de Argentijnse kant gaat via een kaartjesloket en vervolgens ligt er een heel natuurpark voor je open. Het heeft alles: jungle, bijzondere vogels, horeca met terrassen die niet alleen door mensen, maar ook door neusberen en apen worden bezocht, een smalspoortreintje dat je desgewenst naar het verste punt brengt en een hele serie goed onderhouden wandelpaden die langs prachtige uitzichtspunten voeren. De watervallen zijn werkelijk heel indrukwekkend, en het donderend geraas van het vallende water is tot vele honderden meters nog goed hoorbaar. We begrepen dat er door recente regenval in Brazilië extra veel water werd afgevoerd, een deel van de paden was daardoor ook niet toegankelijk. We hadden een beetje verwacht dat het bij ons bezoek op de eerste maandag na de Argentijnse schoolvakanties redelijk rustig zou zijn, maar dat valt tegen. Bij elk uitzichtpunt staan grote drommen bezoekers elkaar te verdringen voor de mooiste selfie met de watervallen als achtergrond.
De volgende dag gaan we in verschillende samenstellingen naar verschillende uitstapjes. Sophie bezoekt een amethistmijn en de overgroeide ruïne van een jezuïetenklooster, Tristan en gezin gaan naar een nabijgelegen dierenopvang annex dierentuin, James en gezin en opa en oma bezoeken het Parque dos Aves, een vogelpark net over de grens in Brazilië. Veel prachtige vogels in ruime volières, en het ligt pal naast de Braziliaanse kant van de watervallen. Er was ons gezegd dat de waterval vanaf die kant nóg indrukwekkender zou zijn dan de Argentijnse oever, en daar bleek geen woord van gelogen. Er is een loopbrug waarmee je boven de grootste van alle watervallen kunt komen. Zelden heb ik temidden van zóveel natuurgeweld gestaan. Het filmpje (klik hier) toont niet meer dan een gedeelte van alle watervallen. Dit is het deel met de grootste waterafvoer en dus het meeste spektakel. Het wordt Garganta de Diablo genoemd (de keel van de duivel). Het filmpje geeft misschien een idee maar het doet geen recht aan de ervaring die je hebt als je er op die loopbrug vlak naast staat (en dientengevolge kletsnat wordt, maar dat is het meer dan waard).
5 augustus: we laten Argentinië achter ons en gaan met een binnenlandse vlucht naar de miljoenenstad Curitiba in Brazilië.
Curitiba, 5-8 augustus 2026
De hoofdstad van de Braziliaanse deelstaat Paraná heeft zo’n 1,7 miljoen inwoners en staat bekend als een van de groenste steden van Brazilië. We verblijven in een ouder (maar goed onderhouden) hotel in de binnenstad, waar het groen verre van uitbundig is maar waar wel torenflats van tientallen verdiepingen staan.
Ook nu bezoeken we weer in kleine groepjes de verschillende bezienswaardigheden. Zoals het Niemeyer-museum, gewijd aan moderne architectuur en zelf ook een bouwkundige parel in de vorm van een oog. De botanische tuin, met een iconische palmenkas en vele bloeiende planten (midden in de winter). Opa Frits en kleinzoon Joris bezoeken een klein spoorwegmuseum, met pal daarnaast in het tot shopping mall verbouwde voormalig station een speelplek met veel glijbanen, dus plezier voor alle generaties. Tristan, Machteld, Sanne en Arthur gaan koelbloedig het oerwoud in in de omgeving van de stad, beklimmen een berg, en komen totaal verregend en bemodderd weer terug, maar het was een mooie trip. De grootouders, de jongste kleinkinderen en hun ouders bezoeken een stadspark / natuurgebied waar een flink aantal capibara’s in de publieke ruimte rondlopen en zich ogenschijnlijk nergens iets van aantrekken. Er zijn ook andere dieren zoals wilde cavia’s, zwarte gieren en Chileense kieviten.
Een grote publiekstrekker in de stad Curitiba is de Serra Verde Express, een toeristische spoorlijn op het bergtraject tussen Curitiba en Moretes. Personenvervoer per spoor bestaat in Brazilië eigenlijk niet meer, goederenvervoer per spoor nog wel. Een lange trein, drie diesellocomotieven. Wij hebben een wagon die in authentieke luxe stijl is aangekleed met pluchen fauteuils en tafeltjes. Met een snelheid die soms wel oploopt tot 40 km/uur dalen we via het bochtige bergtraject van een hoogte van zo’n 1.000 meter naar een hoogte van ongeveer 10 meter. Tropisch regenwoud met onder andere duizenden soorten bromelia’s trekken aan ons voorbij, bergen, kloven, ravijnen, spectaculaire bruggen en vele tunnels, verlaten stations. Het lijkt wel een Rail Away-aflevering en inderdaad, klik hier. Het reisje is een package tour van een dag: we bezoeken na aankomst van de trein met een groot aantal inzittenden een reusachtig restaurant dat de plaatselijke specialiteit van Morretes serveert: barreado, een soort draadjesvlees met cassavemeel. Vervolgens met het busje dat ons ‘s morgens bij het hotel ophaalde, naar het centrum van het plaatsje (toeristenmarkt, gemberijs), vervolgens naar een diorama waar de historie van de streek Paraná in beeld wordt gebracht, dan naar het plaatsje Antonina dat schitterend aan een zeearm ligt. We maken nog een fotostop bij het stationnetje van Antonina waar een toeristentrein alvast voor het weekeinde onder stoom wordt gebracht: een klassieke Baldwin Mogul, zo’n archetypische Amerikaanse stoomlocomotief-uit-de-cowboyfilms. Om het plaatje compleet te maken gaan we via een met kasseien geplaveide bergweg met ontelbaar veel bochten, in de 19e eeuw door slaafgemaakten aangelegd, door het oerwoud terug naar de avondspits van Curitiba. Ruth is al eerder afgehaakt: ze voelt zich niet lekker en gaat na de treinrit rechtstreeks met Patricia terug naar het hotel.
Ze knapt gelukkig redelijk snel weer op, genoeg om op zaterdag 8 augustus de boot te nemen naar vakantie-eiland Ilha do Mel (Honingeiland).
Ilha do Mel, 8-10 augustus 2026
Ilha do Mel (‘honingeiland’) is een vakantie-eiland aan de Braziliaanse oostkust dat zó in de vakantiegidsen kan. Houten ‘pousada’s’ – vakantieverblijven, vrijwel direct aan zee. Een strand waar palmen groeien en waar exotische vogels in weelderig groen kwinkeleren. Vriendelijke mensen, veel horeca, geen auto’s – het verkeer gaat via het strand of via zanderige paadjes, te voet, en goederen worden vervoerd met een soort uit de kluiten gewassen bolderkar. Onze pousada is er ook een uit het boekje – pal aan het strand, kokospalmen, hangmatten, riante buitenmeubels. Een ideale plek om de laatste paar dagen van de vakantie genoeglijk te chillen.
Dachten wij.
De weergoden waren ons nochtans niet goed gezind. De eerste middag, toen we zo’n beetje de tassen hadden uitgepakt, ging het er nog wel mee door en heeft een grote groep enthousiastelingen genoten van de Atlantische golven aan een goudgeel strand. ’s Nachts volkomen noodweer, onweer en bakken regen, en de dag daarop grijs en koud – op de verjaardag van Frits is het wel vaker slecht weer. De verjaardag is in stijl gevierd, met als mooiste cadeau door de kleinkinderen zelf geschilderde zelfportretten, die een plaatsje gaan krijgen in het cactushouten lijstje dat Ruth eerder in Argentinië kreeg.
Tristan, Machteld, Sanne en Arthur gaan voor een forse wandeling naar het Portugese fort op het eiland. Ze slagen er andermaal tijdens de trip in om volledig doorweekt te raken en tot overmaat van ramp missen ze ook nog de boot die de laatste kilometers zou moeten overbruggen, zodat de wandeling met een ruim uur wordt verlengd. Het resterende deel van de groep beperkt zich tot minder veeleisende uitstapjes in de buurt – een grot, wandelpaden, winkeltjes.
Op 10 augustus nemen we afscheid van Ilha do Mel en daarmee van Brazilië en Argentinië. Met verschillende tussenstops en een lange trans-Atlantische vlucht komen we op 12 augustus weer veilig terug in Nederland.