Tag archieven: Portugal

Jardim Botânico Tropical

In binnen- en buitenland mogen wij  graag een botanische tuin bezoeken. Het kost weinig tot niets; je ziet altijd mooie en bijzondere planten, de tuin ziet er doorgaans onberispelijk uit, het is er vrijwel zonder uitzondering rustig en het weinige aanwezige publiek is voorkomend en beleefd.

Zo kwamen wij een paar weken terug in de Jardim Botânico Tropical in Lissabon – we waren met de camper op pad in Portugal, dus zodoende.

Ons vertrouwen werd in eerste instantie niet beschaamd: de toegang tot de botanische tuin wordt gevormd door een prachtige allee met majestueuze palmen, er zijn grootse bomen, er is een fraaie Oosterse tuin en nog meer moois.

Lissabon is in maart nog niet zo heel bloemrijk, maar goed, je verwacht in zo’n tropische botanische tuin natuurlijk wel een kas waar de fraaie planten worden beschut voor te lage temperaturen.

En inderdaad, zo’n kas was er. Een hoge constructie die er, aan de bouwstijl te oordelen, al ongeveer een eeuw stond. Alleen, met een bouwhek ervoor en bordjes dat bezoek niet mogelijk was. Bouwhek en bordjes stonden er, aan de algaangroei te oordelen, ook al een paar jaar.

De fraaie gietijzeren kas is in verval. Ruiten ontbreken, tropische bomen woekeren door het gebroken glas. Dat levert een bijzondere aanblik op. Niet ver van de hoge kas bleken enkele kleinere kassen te staan. Niet van staal, maar met spanten van beton.

Alleen – kassen zonder glas, en het beton liet zien wat jarenlange betonrot vermag. Een bordje bij de kassen meldde dat hier in het verleden de cactussenkas was geweest. En inderdaad, een enkele cactus hield nog moedig stand te midden van de ruïneuze toestand, maar de verdere begroeiing leek zich spontaan tussen het bemoste en overwoekerde beton te hebben gevestigd.

Het maakte deze botanische tuin op één of andere manier wél meer bijzonder dan andere botanische tuinen. Dat gevoel werd nog verhoogd door een groot aantal borstbeelden die mensen van, laat ons zeggen, etnische herkomst portretteren. Ze zijn in de botanische tuin gekomen tijdens een koloniale expositie in 1940, maar zien er anno 2023  toch wel erg misplaatst uit in de openbare ruimte.

Mocht u in de buurt zijn: laat u zich hierdoor niet ontmoedigen, voor het overige is deze botanische tuin een bezoek waard. Loslopende pauwen, fraaie azujelas (tegels) en een heerlijk park.

En, terzijde, vergeet in Lissabon vooral niet, na een bezoek aan de  botanische tuin of een andere bezienswaardigheid, een espresso met pasteis de nata te nuttigen.

Share

Ooievaars

De ooievaar in Nederland had het enkele tientallen jaren geleden bijzonder zwaar. In de jaren ’60 was de populatie vrijwel tot nul teruggebracht, onder meer door het bestrijdingsmiddel DDT, dat effectief de voedselbron van de ooievaar aanpakte.

DDT werd verboden in de jaren ’70. Onder meer door initiatieven zoals ooievaarsdorpen  kwam de ooievaar weer terug. Op heel wat plaatsen in ons land zijn  voorzieningen zoals nestpalen gebouwd die de ooievaar moeten verleiden er hun nest te maken. Inmiddels zijn er zo’n 1300 broedparen. Maar een ooievaar is in ons landje nog steeds een bezienswaardige verschijning.

Op reis met de camper in Portugal viel niet alleen op dat er verbazend veel ooievaars broeden, maar ook dat men maatregelen neemt om broedende ooievaars juist te weren. Bijvoorbeeld op hoogspanningsmasten. Daar draaien op veel plaatsen een soort horizontale windmolens op de top. Probeer daar als ooievaar maar eens een nest te bouwen. Je ziet die draaimolens ook wel op bovenleidingsportalen van het spoor. Nu is de combinatie hoogspanning en ooievaarsnest vermoedelijk niet een heel gelukkige, dus onbegrijpelijk is het niet.

Ooievaars broeden graag hoog. Lukt het niet op de top, dan maken ze maar wat lager  een nest in zo’n hoogspanningsmast, die daarmee wordt getransformeerd tot een soort flatgebouw voor ooievaars. Acht nesten of meer in één mast zijn geen uitzondering.

Portugal beschikt over een bovengronds elektriciteitsnet, en de palen daarvan zijn ook zeer in trek bij ooievaars. Waar de aanwezigheid van ooievaars minder gewenst is, plaatst men vaak een constructie die lijkt op de baleinen van een paraplu op zo’n paal, waarop nestmateriaal geen enkel houvast heeft. De ooievaar die komt aangevlogen met een tak in z’n snavel om een nest te maken, ziet zijn bouwmateriaal zodoende gegarandeerd op de grond belanden. 

Je treft wel heel wat ooievaarsnesten aan op kerken en andere hoge gebouwen. Dat staat in onze ogen heel pittoresk, en we hebben er menige foto van gemaakt. Of de beheerder van zo’n gebouw er blij mee is, is een andere kwestie.

In Spanje, niet ver van de Portugese grens, troffen we een kerkgebouw waar allerlei diagonaal aangebrachte stangen het nestbouwen op de toren zou moeten ontmoedigen. Pal daarnaast, op die zelfde kerk, zat een ooievaar doodgemoedereerd op zijn nest, met zo’n blik van: ‘wát nou met je ooievaarwerende rommel.’

Ooievaars zijn opportunisten, meldt ooievaarstichting Stork. Dat klopt. 

Share

Een bizar museum

De musea zijn nog gesloten in verband met corona. Daarom een terugblik op een museumbezoek uit 2014.

Er zijn vast wel meer musea in de wereld met onwaarschijnlijke collecties – vaak het liefdewerk van een gedreven verzamelaar. Tomar in Portugal bezit zo’n museum: het Museu dos Fósforos. Het lucifersmuseum. Verzamelaar Aquiles da Mota Lima begon in 1953 met het verzamelen van lucifersdoosjes. Toen hij zijn collectie in 1980 aan de gemeente Tomar schonk, had hij de grootste collectie lucifersdoosjes van Europa bij elkaar. 43.000 lucifersdoosjes en -boekjes, daarnaast lucifersmerken en andere zaken rond het luciferswezen. Uit 127 landen.

Normaal gesproken zou je zo’n instituut misschien niet op je bucketlist zetten.

Maar we waren toch in de buurt (vakantie) en het bezoek was kosteloos (we zijn zúnig) dus we hebben ons er maar aan gewaagd.

Het is een verbijsterende ervaring om duizenden verschillende lucifersmerken te bekijken. Uiteraard stiefelden we af op het Nederlandse smaldeel. Lucifers van lang verdwenen winkelketens: Klimop, De Gruyter, Simon de Wit. Een complete serie “Molen”-lucifers. En de befaamde Vlinderlucifers, met afbeeldingen van filmsterren en artiesten. Zelfs onze eigen Gert Timmerman was vertegenwoordigd op een lucifersdoosje, daar in het verre Portugal.

De verzameling overziend heeft filumenist Aquiles da Mota Lima zijn leven lang kosten noch moeite gespaard om iets heel bijzonders op te bouwen. Een man met een missie. Alleen al daarom zou je het museum eens moeten bezoeken.

Als je toch in de buurt bent.

Share