Categoriearchief: Blog

Argentinië en Brazilië

Met de kinderen en partners en kleinkinderen een flinke buitenlandse reis. Dat was het initiatief van Ruth en Frits, en in juli en augustus 2026. Met een groep van elf personen door Argentinië en Brazilië!

Buenos Aires, 21-24 juli 2026

De vlucht was lang en krap. Ons eerste reisdoel, Buenos Aires, is een reusachtige stad met drie miljoen inwoners. Het heeft de uitstraling en de grandeur die je ook wel aantreft in meditterane grote steden: enorme regeringsgebouwen; zeker die uit de laat-19e eeuw, met indrukwekkend beeldhouwwerk. Andere gebouwen, zeker uit de 20e eeuw, kenmerken zich in een aantal gevallen door een rommelige en sleetse aanblik, met airconditioners voor de ramen en schilferend pleisterwerk.

Ons verblijf, in de wijk Retiro: een enorm appartement, zo te zien uit het fin-de-siecle, netjes gerenoveerd, met een zitkamer met bruine lambrisering en glas-in-lood, heel veel kamertjes en trapjes op onverwachte plaatsen. Voor de kleinkinderen een eldorado om verstoppertje te spelen.

De stad is druk. Het autoverkeer krijgt er veel ruimte. Onze Uber-chauffeurs gingen in veel gevallen uit van het principe: wie er het eerst is… Ook buschauffeurs zetten er flink de sokken in. De bussen, het moet gezegd, zijn op zich al bezienswaardig. Elke lijn is uitgevoerd in de meest frappante primaire kleurstellingen en zelfs de lijnnummers lijken met WordArt te zijn ontworpen. Het openbaar vervoer is eenvoudig: je checkt in met je bankpas en kunt voor een luttel bedrag met metro of bus de stad doorkruisen.

We trekken in wisselende samenstelling door de stad.

De stad biedt alles wat je ervan verwacht: veel winkels, een fraai Nationaal Historisch Museum waar de strijders voor een onafhankelijk Argentinië  worden geëerd, met name Generaal José San Martin. Schilderijen, zijn zwaard en andere parafernalia, enorme heroïsche schilderijen en dito van andere generaals uit dezelfde strijd. San Martin, die de onafhankelijkheid van Argentinië bewerkstelligde, is een soort Vader des Vaderlands, en wordt ook geëerd met een naar hem genoemd plein, en vooral met een protserig praalgraf in de kathedraal, waar twee erewachten in 19e-eeuwse uniformen op wacht staan.

Bijzonder in Buenos Aires: 

  • Een voormalig operatheater dat is omgebouwd tot boekwinkel. 
  • De wijk La Boca: een volkswijk die intussen een charmante toeristenval is geworden, met kleurrijke huizen en heel veel toeristenmarktjes.
  • De Recoleta-begraafplaats, een soort Argentijns Père-Lachaise waar onder meer het graf van Eva Peron veel bezoekers trekt. De aanraking van vele handen zorgen dat haar gezicht op de bronzen herdenkingsplaquette glimt.
  • Een enorm natuurgebied tussen de drukke stad en de Rio de La Plata. We zagen er onder meer een rosse tijgerroerdomp, en een kuifcaracara, een forse roofvogel die doodgemoedereerd naast een parkbankje een opossum soldaat maakte.

Cafayate, 24-28 juli 2026

De vliegreis met een lokale maatschappij van Buenos Aires naar Salta  is lang wachten op een overvolle luchthaven, een korte vlucht en een koffer (Sanne) die pas de volgende dag arriveert. In Salta huurauto’s opgehaald en vervolgens naar Cafayate.

De weg is tweebaans, overzichtelijk en niet druk, en ademt over grote afstanden de sfeer van een roadmovie: cactussen, lange rechte weg met elektriciteitsmasten. Onderweg verschillende bezienswaardigheden: schitterende rotsformaties met fantasierijke namen die veel toeristen trekken en zijn omgeven met handelaren in allerhande toeristische snuisterijen.

Onze verblijfplaats in Cafayate is een belangrijk deel van een oude boerderij, een wijnmakerij. Propvol antieke meubels, boeken, oude telefoons, verzamelingetjes keramiek, kunstwerken en meer, weliswaar is alles wat sleets maar het lijkt werkelijk wel een museum waar we een paar dagen in mogen wonen. Temidden van wijngaarden en met een handvol honden en paarden die over het terrein lopen. 

De stad Cafayate blijkt zowaar een toeristentrekker: vanwege de fraaie omgeving ongetwijfeld, en de toeristische infrastructuur is goed ontwikkeld. Fijne restaurants, en ijswinkels met de lokale specialiteit: wijn-ijs!

In wisselende groepjes maken we uitstapjes: naar Cafayate (wijnmuseum, helaas gesloten), kathedraal, veel horeca, en San Carlos (kleiner en overzichtelijker, en het ziet er echt uit zoals je van een Zuid-Amerikaans plaatsje mag verwachten). 

Een groep dapperen gaat met een gids een tocht doen langs de zeven watervallen van de Rio Colorado. Althans, één groep (Tristan, Machteld en kinderen) gaan voor de échte uitdaging van alle zeven cascades. Een kleiner groepje (Roosmarijn, Joris, James en abuelo (grootvader) Frits beperken zich tot een kortere versie met maar twee watervallen. Voor kinderen en bejaarden (de abuelo in dit geval) achten de gidsen de tamelijk veeleisende gehele tocht niet verantwoord. (Terecht, hoorden we achteraf.) Zelfs de korte route  is een bizar mooi stuk natuur: flink klimmen, smalle paadjes, een flink aantal malen over stenen in de rivier oversteken. Enorme cactussen, kleurrijke rotsen: je komt ogen te kort. 

Het weer is warm (voor Ruth soms iets té) maar de nachten zijn koud op zo’n 1600 meter hoogte. Het volgende reisdoel (Maimara) is nog hoger: bijna 2500 meter.

Maimará, 28 juli-1 augustus 2026

Maimará, ruim 2400 meter hoog en omringd door bergen, is een plaatsje van een paar duizend inwoners. De rit van Cafayate voert over snelwegen, maar ook gammele tweebaansweggetjes met druk verkeer. De meeste straten in het plaatsje zelf zijn onverhard. De nachten zijn koud, de dagen warm, de lucht kurkdroog. De zon schijnt onbarmhartig uit een ongelooflijk diepblauwe lucht.

Op onze eerste echte dag is Joris heel erg jarig -hij wordt zeven. Gelukkig is er in het dorp een winkel waar ze feestatttributen zoals ballonnen verkopen. Bij de cadeautjes onder meer een plaatselijke pluchen lama en een kindercamera, waarmee hij de hele dag in de weer is. 
Ons reisdoel van de dag is Tilcara, een plaatsje met een deels gereconstrueerde nederzetting van de pre-spaanse bevolking en een botanische tuin met hoogteplanten, vooral heel veel cactussen. Niet dan nadat we Joris’ verjaardag hebben gevierd in een koffietentje waar een half portie gebak alsnog genoeg blijkt voor een volledige maaltijd, overigens wel heel lekker. 

Op donderdag bezoek aan de Salinas Grandes, een enorme zoutvlakte, extreem hooggelegen tussen de bergen. Prachtige uitzichten en een bijzonder kleurenspel. Machteld en de kleinkinderen maken er mooie schilderijen van. Door de uitgestrektheid vermindert de perspectiefwerking en daar kun je dan weer leuke fotografische grappen mee uithalen, zonder Photoshop. De twee abuelos beperken zich, met het oog op de uitzonderlijke hoogte en de lange bergrit, tot een beperkter uitstapje naar het dorp Purmurmarca, waar de bergwanden de meest frappante kleuren vertonen. Het dorp zelf is trouwens ook één grote kleurrijke toeristenmarkt, maar dat is eigenlijk bij alle attracties in deze regio het geval. En bij ieder restaurantje staat wel een stoepier buiten om klanten naar binnen te hengelen. 

Kleurrijke bergen zijn hier eigenlijk overal in de regio. De bergen naast ons verblijf dragen de naam Paleta de Pintor (schilderspalet) om voordehandliggende redenen. De uitstapjes die we verder in deze regio doen, betreffen in vrijwel alle gevallen bergen in verrassende tinten. Het plaatsje Huamarca beschikt naast kleurrijke bergen en een toeristenmarkt  over een bombastisch monument op een heuvel waarmee de onafhankelijkheidsstrijders van Argentinië worden geëerd. Een kleine delegatie gaat naar een wijnproeverij: twintig jaar geleden begon men hier met de eerste wijnbouw, en het klimaat blijkt zich er goed voor te lenen. De woonwijken buiten de toeristische centra bieden opvallend vaak een erbarmelijke aanblik.  
‘Ons’ dorpje is niet zo heel toeristisch, maar de onvermijdelijke toeristenmarkt is praktisch gesproken onderdeel van het stationnetje dat voor de toeristische Tren Solar nieuw is gebouwd naast het oude station. 

Na een week in de prachtige bergen rond Cafayate en Maimara brengen we de huurauto’s weer terug. In Salta, een provinciehoofdstad van meer dan 600.000 inwoners bekijken we de kathedraal, (een roze suikertaart) en een museum rond goed bewaarde inca-mummies die hoog in de Andes zijn gevonden – kinderen die als ambassadeur voor de goden werden ingezet maar dat met hun dood bekochten. De vrolijke toeristenmarkten hebben hier plaats gemaakt voor vele straathandelaren die met de moed der wanhoop klanten proberen te vinden voor hun uiterst armetierig aanbod: speelgoed, snoepgoed en dergelijke. 

Iguazú, 2-5 augustus 2026

Tijdens de daling van de binnenlandse vlucht naar Iguazú zie je vooral bomen en groen door het vliegtuigraampje. Eenmaal in de buitenlucht vóór de  luchthaven voel je een vochtige warmte, heel anders dan de droge hitte van de Andes. Palmen en tropische planten en gekwinkeleer van (voor ons) exotische vogels. Langs de weg  van de luchthaven naar de stad zie je verkeersborden die waarschuwen voor overstekende dieren: een poema, een tapir, een neusbeer. Welkom in het oerwoud.

Ons verblijf wordt gevormd door een rijtje luxe houten huisjes in een weelderige tropische tuin, met zwembad (tot plezier van de kleinkinderen, vooral een ‘bommetje’ blijft leuk…) en alle voorzieningen. Op de veranda van de kamers heb je een prachtig zicht op de tuin.

Iguazú ontleent zijn bekendheid vooral aan de indrukwekkende watervallen, die tot de grootste ter wereld behoren. Ze liggen op de grens tussen Argentinië en Brazilië en zijn vanuit beide landen te bezoeken. Een bezoek aan de Argentijnse kant gaat via een kaartjesloket en vervolgens ligt er een heel natuurpark voor je open. Het heeft alles: jungle, bijzondere vogels, horeca met terrassen die niet alleen door mensen, maar ook door neusberen en apen worden bezocht, een smalspoortreintje dat je desgewenst naar het verste punt brengt en een hele serie goed onderhouden wandelpaden die langs prachtige uitzichtspunten voeren.  De watervallen zijn werkelijk heel indrukwekkend, en het donderend geraas van het vallende water is tot vele honderden meters nog goed hoorbaar. We begrepen dat er door recente regenval in Brazilië extra veel water werd afgevoerd, een deel van de paden was daardoor ook niet toegankelijk. We hadden een beetje verwacht dat het bij ons bezoek op de eerste maandag na de Argentijnse schoolvakanties redelijk rustig zou zijn, maar dat valt tegen. Bij elk uitzichtpunt staan grote drommen bezoekers elkaar te verdringen voor de mooiste selfie met de watervallen als achtergrond. 

De volgende dag gaan we in verschillende samenstellingen naar verschillende uitstapjes. Sophie bezoekt een amethistmijn en de overgroeide ruïne van een jezuïetenklooster,  Tristan en gezin gaan naar een nabijgelegen dierenopvang annex dierentuin, James en gezin en opa en oma bezoeken het Parque dos Aves, een vogelpark net over de grens in Brazilië. Veel prachtige vogels in ruime volières, en het ligt pal naast de Braziliaanse kant van de watervallen. Er was ons gezegd dat de waterval vanaf die kant nóg indrukwekkender zou zijn dan de Argentijnse oever, en daar bleek geen woord van gelogen. Er is een loopbrug waarmee je boven de grootste van alle watervallen kunt komen. Zelden heb ik temidden van zóveel natuurgeweld gestaan. Het filmpje (klik hier) toont niet meer dan een gedeelte van alle watervallen. Dit is het deel met de grootste waterafvoer en dus het meeste spektakel. Het wordt Garganta de Diablo genoemd (de keel van de duivel). Het filmpje geeft misschien een idee maar het doet geen recht aan de ervaring die je hebt als je er op die loopbrug vlak naast staat (en dientengevolge kletsnat wordt, maar dat is het meer dan waard). 

5 augustus: we laten Argentinië achter ons en gaan  met een binnenlandse vlucht naar de miljoenenstad Curitiba in Brazilië.

Curitiba, 5-8 augustus 2026

De hoofdstad van de Braziliaanse deelstaat Paraná heeft zo’n 1,7 miljoen inwoners en staat bekend als een van de groenste steden van Brazilië. We verblijven in een ouder (maar goed onderhouden) hotel in de binnenstad, waar het groen verre van uitbundig is maar waar wel torenflats van tientallen verdiepingen staan.

Ook nu bezoeken we weer in kleine groepjes de verschillende bezienswaardigheden. Zoals het Niemeyer-museum, gewijd aan moderne architectuur en zelf ook een bouwkundige parel in de vorm van een oog. De botanische tuin, met een iconische palmenkas en vele bloeiende planten (midden in de winter). Opa Frits en kleinzoon Joris bezoeken een klein spoorwegmuseum, met pal daarnaast in het tot shopping mall verbouwde voormalig station een speelplek met veel glijbanen, dus plezier voor alle generaties. Tristan, Machteld, Sanne en Arthur gaan koelbloedig het oerwoud in in de omgeving van de stad, beklimmen een berg, en komen totaal verregend en bemodderd weer terug, maar het was een mooie trip. De grootouders, de jongste kleinkinderen en hun ouders bezoeken een stadspark / natuurgebied waar een flink aantal capibara’s in de publieke ruimte rondlopen en zich ogenschijnlijk nergens iets van aantrekken. Er zijn ook andere dieren zoals wilde cavia’s, zwarte gieren en Chileense kieviten.

Een grote publiekstrekker in de stad Curitiba is de Serra Verde Express, een toeristische spoorlijn op het bergtraject tussen Curitiba en Moretes. Personenvervoer per spoor bestaat in Brazilië eigenlijk niet meer, goederenvervoer per spoor nog wel. Een lange trein, drie diesellocomotieven. Wij hebben een wagon die in authentieke luxe stijl is aangekleed met pluchen fauteuils en tafeltjes. Met een snelheid die soms wel oploopt tot 40 km/uur dalen we via het bochtige bergtraject van een hoogte van zo’n 1.000 meter naar een hoogte van ongeveer 10 meter. Tropisch regenwoud met onder andere duizenden soorten bromelia’s trekken aan ons voorbij, bergen, kloven, ravijnen, spectaculaire bruggen en vele tunnels, verlaten stations. Het lijkt wel een Rail Away-aflevering en inderdaad, klik hier. Het reisje is een package tour van een dag: we bezoeken na aankomst van de trein met een groot aantal inzittenden een reusachtig restaurant dat de plaatselijke specialiteit van Morretes serveert: barreado, een soort draadjesvlees met cassavemeel. Vervolgens met het busje dat ons ‘s morgens bij het hotel ophaalde, naar het centrum van het plaatsje (toeristenmarkt, gemberijs), vervolgens naar een diorama waar de historie van de streek Paraná in beeld wordt gebracht, dan naar het plaatsje Antonina dat schitterend aan een zeearm ligt. We maken nog een fotostop bij het stationnetje van Antonina waar een toeristentrein alvast voor het weekeinde onder stoom wordt gebracht: een klassieke Baldwin Mogul, zo’n archetypische Amerikaanse stoomlocomotief-uit-de-cowboyfilms. Om het plaatje compleet te maken gaan we via een met kasseien geplaveide bergweg met ontelbaar veel bochten, in de 19e eeuw door slaafgemaakten aangelegd,  door het oerwoud terug naar de avondspits van Curitiba. Ruth is al eerder afgehaakt: ze voelt zich niet lekker en gaat na de treinrit rechtstreeks met Patricia terug naar het hotel.

Ze knapt gelukkig redelijk snel weer op, genoeg om op zaterdag 8 augustus de boot te nemen naar vakantie-eiland Ilha do Mel (Honingeiland).

Ilha do Mel, 8-10 augustus 2026

Ilha do Mel (‘honingeiland’)  is een vakantie-eiland aan de Braziliaanse oostkust dat zó in de vakantiegidsen kan. Houten ‘pousada’s’ – vakantieverblijven, vrijwel direct aan zee. Een strand waar palmen groeien en waar exotische vogels in weelderig groen kwinkeleren. Vriendelijke mensen, veel horeca, geen auto’s – het verkeer gaat via het strand of via zanderige paadjes, te voet, en goederen worden vervoerd met een soort uit de kluiten gewassen bolderkar. Onze pousada is er ook een uit het boekje – pal aan het strand, kokospalmen, hangmatten, riante buitenmeubels. Een ideale plek om de laatste paar dagen van de vakantie genoeglijk te chillen. 

Dachten wij.

De weergoden waren ons nochtans niet goed gezind. De eerste middag, toen we zo’n beetje de tassen hadden uitgepakt, ging het er nog wel mee door en heeft een grote groep enthousiastelingen genoten van de Atlantische golven aan een goudgeel strand. ’s Nachts volkomen noodweer, onweer en bakken regen, en de dag daarop grijs en koud – op de verjaardag van Frits is het wel vaker slecht weer. De verjaardag is in stijl gevierd, met als mooiste cadeau door de kleinkinderen zelf geschilderde zelfportretten, die een plaatsje gaan krijgen in het cactushouten lijstje dat Ruth eerder in Argentinië kreeg. 

Tristan, Machteld, Sanne en Arthur gaan voor een forse wandeling naar het Portugese fort op het eiland. Ze slagen er andermaal tijdens de trip in om volledig doorweekt te raken en tot overmaat van ramp missen ze ook nog de boot die de laatste kilometers zou moeten overbruggen, zodat de wandeling met een ruim uur wordt verlengd. Het resterende deel van de groep beperkt zich tot minder veeleisende uitstapjes in de buurt – een grot, wandelpaden, winkeltjes.

Op 10 augustus nemen we afscheid van Ilha do Mel en daarmee van Brazilië en Argentinië. Met verschillende tussenstops en een lange trans-Atlantische vlucht komen we op 12 augustus weer veilig terug in Nederland. 

Share

Tabaksindustrie probeert besluitvorming te beïnvloeden

De trukendoos van de tabaksindustrie is een soort doos van Pandora. Er komt geen einde aan de hoeveelheid en verscheidenheid aan narigheid die deze tak van bedrijvigheid inzet om (letterlijk) dood en verderf te zaaien onder zijn clientèle, en en passant ook nog eens miljoenenwinsten op te strijken. Vapes of ‘rookloze alternatieven’: ze draaien hun hand er niet voor om. Jongeren verslaafd maken: who cares. Beïnvloeding van de publieke besluitvorming via lobbyisten: geen enkel probleem. Het laatste ‘wapenfeit’: het inzetten van AI-gegenereerde teksten om op die manier een EU-raadpleging rond de tabaksrichtlijn te beïnvloeden, om niet te zeggen: te overspoelen. Werkwijze: je opent een website ‘’yourvoicedecides’ en je hangt posters op bij tabaksspeciaalzaken. De website is een initiatief van tabaksgigant Philip Morris, maar dat staat alleen in de heel kleine lettertjes. De website bestond in hoofdzaak uit een handig invulformulier met een aantal aanklikmogelijkheden – waarom je je zorgen maakt om aanscherping van de EU-tabaksrichtlijn en dat dat toch ernstig indruist tegen je keuzevrijheid – alsof je er ooit bewust voor hebt gekozen verslaafd te raken aan nicotine. Een vraag in het genre van ‘ik wil graag ernstig ziek worden of voortijdig overlijden aan de gevolgen van tabaksgebruik ja/nee’ behoorde niet tot de keuzemogelijkheden van Philip Morris, hoewel die kans voor straffe rokers letterlijk kop of munt is, 50%.

Een paar muiskliks verder heb je via AI een kant-en-klare tekst die je zó kunt indienen bij de Europese Unie, om je ‘mening’ kracht bij te zetten. De site geeft heldere uitleg hoe je dat moet doen, voor de meeste mensen is deelname aan een EU-raadpleging immers geen dagelijkse kost.

Het journalistieke programma Pointer deed onderzoek en concludeerde al snel dat de stortvloed aan reacties die bij de EU binnenkwam, in hoofdzaak was gemaakt door de AI-tool van Philip Morris, en dientengevolge praktisch gesproken geschreven door de tabaksindustrie. Hulde – dat illustreert het belang van onafhankelijke journalistiek. Het verbaasde me overigens niet, want ik had de website zelf al aan een praktisch onderzoekje onderworpen. Gewoon ingevuld, kijken wat er zou gebeuren. Als je de vragen uit het perspectief van de rokende medemens invult, is het eindresultaat nogal voorspelbaar.

Goed weggemoffeld onderaan de vragenlijst had je een keuzevakje dat je een strengere tabaksrichtlijn juist wél zag zitten. En je kon nog even aangeven wat voor jou belangrijk was voor deze consultatie. Ik klikte de vakjes aan, voegde nog een paar welgekozen volzinnen toe, en de AI-tool deed tot mijn verbazing iets wat ik niet echt had verwacht: er rolde een tekst uit die verre van positief uitpakt voor Philip Morris. Uiteraard was ik niet te beroerd om juist déze tekst in te dienen bij de EU, na nog een paar redactionele ingrepen mijnerzijds.

‘De manier waarop de tabaksindustrie probeert meningen te beïnvloeden, onder meer het platform ‘yourvoicedecides.com’, is op zijn minst zorgwekkend, zo niet schandalig te noemen. Het is duidelijk dat de tabaksindustrie, met name grote namen zoals Philip Morris, het publiek uitnodigt om onder het mom van ‘keuzevrijheid’ AI-gegenereerde teksten te gebruiken om deze consultatie te overspoelen. Deze tactiek ondermijnt de integriteit van het proces en de stemmen van echte burgers. Als het gaat om de Richtlijn Tabaksproducten van de Europese Unie, ben ik er stellig van overtuigd dat de industrie geen inspraak mag hebben in het vormgeven van wetten en regelgeving. De richtlijn is bedoeld om het publieke belang te beschermen, niet om de belangen van bedrijven te dienen. Als we kijken naar de producten zelf is het duidelijk dat elk product sterk verslavend is en de gezondheid van de gebruiker zeer ernstig kan schaden. Er is geen sprake van keuzevrijheid als je verslaafd bent aan de producten van de tabaksindustrie. Het overkoepelende principe moet zijn om de invloed van de tabaksindustrie een duidelijk halt toe te roepen. Het is van cruciaal belang dat onze vertegenwoordigers standvastig blijven in hun toewijding om deze producten te reguleren in het beste belang van het publiek, zonder toe te staan dat misleidende tactieken van de tabaksindustrie hun oordeel vertroebelen. Laten we ervoor zorgen dat de Richtlijn Tabaksproducten van de Europese Unie een baken van integriteit en publieke bescherming blijft.’

[Foto: Tabaksproducten waar ze thuishoren, namelijk in het museum. In dit geval het Museum van de 20e eeuw, Hoorn. Eigen foto.]

Share

Uilen

Vogels te kust en te keur in onze regio, maar uilen had ik nooit eerder gespot. Sowieso is de uil een vogelsoort die ik maar weinig had gezien. Eigenlijk vooral als opgezet exemplaar in natuurmusea en dergelijke. En op vakantie hoorde je in het buitenland nog wel eens de nachtelijke roep van de dwergooruil, maar het beest onttrok zich aan iedere waarneming.

Tot begin dit jaar een ransuil langdurig zijn intrek nam in de rode prunus in onze achtertuin, waar hij een tijd lang zijn roestplek had. Er zitten meer uilen in onze wijk – we zien ze sedertdien in de late avondschemering ook wel rondvliegen, maar je kunt in het schemerduister amper vaststellen wat voor uil het is. Meer recent zagen we ook een velduil in onze boom, die wat onhandig langs de takken scharrelde. Zo te zien een jong exemplaar. Kennelijk nestelen ze dus ook in Camminghaburen. Of het recent geopende natuurleerpad Camminghaburen hier invloed op heeft gehad weet ik niet, Er staat o.a. een informatief bordje over ransuilen – en sinds dat bord er staat zie ik ook uilen in onze buurt.

Share

Een trip door Italië

Wij waren dus in april en mei met de camper door Italië. Helemaal naar Puglia, de ‘hak’ van de Italiaanse laars zeg maar. Een voordeel, of nadeel, is dat je dan in ruim vier weken heel veel plaatsen kunt aandoen. Het nadeel is dat een gedetailleerde reisbeschrijving dan eerder slaapverwekkend dan interessant is. Daarom, per plaats die we bezocht hebben, een foto (of twee, onderaan deze pagina) met een heel kort verhaaltje. Ik heb getracht de camera te richten op andere zaken dan de bekende publiekstrekkers. En camperen in Italië is best leuk – er zijn aardig wat gratis camperplaatsen en in Italië is er in elke (nou ja bijna elke) stad wel een bezienswaardigheid. 

Bergamo

Van Como naar Bergamo zonder tolwegen is een bezoeking door druk stedelijk gebied. De oude stad (Citta Alta) is bezienswaardig. Heuvelachtig. Er is onder meer een funiculaire naar Castello San Vigilio, met mooi uitzicht over de stad, en een mooie kleine botanische tuin.

Verona

Mooie stad, maar wel een soort toeristenval. Romeinse overblijfselen, waaronder stadspoort en amfitheater. Het balkon van Julia (van Romeo) is alleen tegen betaling te zien – en het is trouwens tóch een nepding, aldus de gidsjes, omdat Shakespeare het verhaal volledig heeft verzonnen. Beter overslaan dus.

Dozza

Pittoresk dorpje, in de publieke ruimte verfraaid met groot aantal muurschilderingen van hedendaagse kunstenaars. Maar, op een grijze dinsdagmiddag in april is Dozza ook behoorlijk uitgestorven.

Spoleto

Een aardig plaatsje met Romeinse en middeleeuwse overblijfselen, en met onder andere roltrappen om het heuvelige stadje gemakkelijker te bekijken.

Alba Fucens

Alba Fucens, een Romeinse opgraving min of meer in de middle of nowhere. We zijn de enige bezoekers. Amfitheater, resten van de Romeinse stad, kerkje met elementen van Apollotempel. De gidsjes noemen het ‘Klein Pompeii’ maar dat is wel wat overdreven.

Miranda

Gratis camperplaats, een voormalige camping met eenvoudige voorzieningen en gratis stroom. Geen uitzinnige bezienswaardigheden, wel een heel vriendelijk en pittoresk dorpje.

Carpinone

Vriendelijk dorpje, geschikt voor een fijne wandeling, zeiden ze. Maar door ongelukkige bewegwijzering word je letterlijk het bos in gestuurd.

Barletta

Camperparkeerplaats aan zee. ’s Avonds veel autoverkeer van mensen die vanuit de auto de zee bekijken, veelal onder het ‘genot’ van een sigaret of vape.

Bari

De oude binnenstad is onder andere beroemd om pastamakende dames en de Sint Nicolaasbasiliek. De handgemaakte pasta (Orecchiette, ‘oortjespasta’) is erg lekker; de huisvlijt is een toeristentrekker. Voor de huisdeuren van een pittoresk straatje maken dames deze pasta, die ter plekke wordt gesneden, gedroogd, en verkocht. De relieken van Sint Nicolaas, de beschermheilige van Rusland, trekken heel wat bezoekers uit Oost-Europa. Afbeeldingen van de goede Sint in Bari zijn toch wel anders dan ons beeld van Sinterklaas.

Monopoli

Leuk havenstadje, waar (o.a.) een plaatselijke variant van het Monopolyspel wordt verkocht. Mooie kerk met veel marmer, en  een in veel schilderijen vastgelegde legende hoe een Maria-icoon samen met voor de bouw van de kerk benodigde balken geheel spontaan de haven in kwam drijven. Het icoon heeft er een ereplaatsje.

Alberobello

Honderden trulli (traditionele huisjes met kegelvormig stenen dak), wel wat toeristisch want veelal in gebruik als toeristenverblijf, als souvenirwinkel of bar/restaurant. Niettemin biedt het stadje een vrij wonderlijke indruk door deze bijzondere bouwwijze.

Locorotondo

Leuk stadje met veel kleine steegjes en doorkijkjes. Kerken met erg lelijke beelden. En veel trulli.

Sisto

Minuscuul dorpje met een forse parkeerplaats waar je gratis mag camperen. Trulli in deze landelijke omgeving. In een aantal gevallen staan ze leeg en kun je zonder problemen binnen kijken.

Matera

Een stad die bekend is om zijn Sassi – wijken van grotwoningen op een helling naast een ravijn. Charmante toeristenval met veel trappetjes, vergezichten, horeca, verkoop van toegangskaartjes en souvenirs. In een enkel geval is de grotwoning ingericht naar de situatie van eind 19e eeuw, waarbij mensen en vee de woonruimte deelden.

Cancellara

Bergdorp dat alleen via bijzonder slechte bergwegen bereikbaar is. De camperplaats is een sfeerloze parkeerplaats naast een deprimerende sporthal, maar de plaatselijke pizzeria maakt veel goed.

Pietragalla

Bekend om palmenti, een soort ‘hobbithuisjes’ die in het verleden werden gebruikt voor wijnproductie.

Paestum

Niet te missen: de allermooiste Griekse tempels en een prachtig museum.

Volturara Irpina

Een vrij nondescript bergdorpje met een wat krakkemikkige camperplaats, waar dan weer wel de plaatselijke schaapskudde langskwam, compleet met bellen.

Benevento

Onder meer een zeer goed bewaarde Romeinse triomfboog, maar ook een obelisk uit een verdwenen Isistempel, een Romeins theater en her in der in de straten zichtbare Romeinse bouwelementen. Prettige stad met verkeersluw centrum.

Mignano Monte Lungo

Een camper(gedoog-)plek op een heuveltop met prachtig uitzicht, bij een Mariabeeld dat onderdeel uitmaakt van een militair monument.

Borghetto

Gehucht aan het Meer van Trasimeno. De camperplaats is nogal vervallen; de oever van het meer is ter plekke een moerassig rietland. Veel vogelzang (nachtegaal).

Siena

We waren hier vijftig jaar eerder. Er is weinig veranderd, zij het dat bezienswaardigheden nu forse toegangsprijzen vragen. Een mooie, maar erg heuvelachtige stad.

Roffia (San Miniato)

Campergedoogplaats in de natuur aan het eind van een hobbelig landweggetje. Erg rustig – wandelaars en vogels. Wandelgebied.

Collodi

Met kleinkinderen, zoon en schoondochter bezoek aan smoordruk Pinocchiopark. Deels wat sleets pretpark rond de verhalen van Pinokkio. Antieke kermisattracties die het niet meer doen, maar wel met een bordje erbij ‘leuk voor de foto’. De avonturenbaan met zipline valt bij de kleinkinderen zeer in de smaak. Barokke tuin met vlinderkas.

Pistoia

Compacte stad met veel bezienswaardigheden, onder meer ‘ziekenhuismuseum’ met bezichtiging piepklein anatomisch theater met deskundige uitleg. Aanrader. (We hebben Pisa overgeslagen. De berichten over de camperparkeerplaats van Pisa op de app waren op zijn minst alarmerend te noemen voor wat betreft het aantal inbraken in campers. Wij zoeken dat dus maar liever niet op, en we hebben in Leeuwarden trouwens ook een scheve toren…)

Silla

Niet heel bezienswaardig, maar een camperplaats vlak naast een oude F104-Starfighter die in een stadsparkje is opgesteld zie je ook niet elke dag.

Marzabotto

Camperen op de parkeerplaats bij het station. Van daar af met de trein naar Bologna.

Bologna

Bologna. Veel straten met galerijen. Mooie kathedraal , twee scheve middeleeuwse torens, die ooit dienden ter verdediging en als statussymbool. Adellijke families boden tegen elkaar op ‘wie de langste had’. De Torre degli Asinelli is 97,2 meter en staat 1,3 meter uit het lood. De Torre Garisenda, daar pal naast, is al in de middeleeuwen voor een groot deel afgebroken wegens bouwvalligheid. Het restant van de toren is 48,16 meter hoog en staat 3,22 meter uit het lood. Er zijn plannen voor renovatie / versterking van de Torre Garisenda. Er staan bouwhekken omheen: gemaakt van fikse stalen H-balken, stalen platen en stalen netten van het soort dat in berggebieden gebruikt wordt om vallend gesteente op te vangen. Alsof die ene toren toch ieder moment kan omvallen. Daar ziet-ie in ieder geval wel naar uit.

Modena

Mooie stad in terracotta-kleuren, één scheve toren en verrassend fraaie Romaanse kathedraal.

Cremona

Stadsbezoek was voor ons wat teleurstellend: zowat alles is dicht en de bezienswaardigheden zijn peperduur en/of vallen tegen. Er zijn wel verbazend veel vioolbouwers in de stad van Stradivarius. En ze hebben er noga.

Monticelli d’Ongina

Verrassend dorpje met onder meer een in vervallen staat verkerend en daardoor erg pittoresk kasteel.

Cassina de Pecchi

Camperen op een parkeerplaats. De stad is niet heel bijzonder, tenzij je van de brutalistische architectuur van het metrostation houdt.

Share

Invasieve exoot

Wij hebben een hele reeks nestkastjes in onze tuin en soms maken daadwerkelijk nestelende vogels gebruik van deze huisvesting. Toen we in mei terugkwamen van een reis door Italië keken we in één van de kastjes (zo een met een spiegel in het deksel) of er ook eitjes of jonge meesje te zien waren.

Nee dus.

Wel een wespennest, overigens toen nog zonder zichtbare aanwezigheid van een of meer wespen.

Gelukkig bestaat de wespenstichting, die zich onder meer beijvert in het bestrijden van onzinverhalen over wespen, en die kun je om advies vragen. Een ‘embryonest’, constateerde de wespenconsulent op basis van de foto’s. ‘Meestal lopen die op niets uit. Wacht maar even af.’

Een paar dagen later constateerde ik de aanwezigheid van een joekel van een wesp van een mij onbekende soort. ‘De geelpoothoornaar alias de Aziatische hoornaar,’ determineerde de wespenconsulent. ‘Deze wespensoort is niet inheems en momenteel nog vrij zeldzaam in Friesland dus je mag spreken van een vrij bijzondere ontdekking.’ In Leeuwarden bleek eerder één exemplaar te zijn gespot, in een parkje op een steenworp van ons huis. De Wespenstichting verwees door naar waarneming.nl.

De geelpoothoornaar, als invasieve exoot, ligt vooral heel slecht bij imkers, want deze hoornaar heeft het onder andere gemunt op honingbijen, en is volgens EU-verordening 1143/2014 een mogelijke bedreiging voor de biodiversiteit. Voor mensen is het insect ongeveer net zo gevaarlijk als de gewone wesp, dus vrijwel niet (tenzij je allergisch bent). Maar er wordt nogal wat desinformatie verspreid…

Ik kon vaststellen dat het inderdaad een embryonest was: één koningin; de werksters waren gelukkig nog niet uit hun cocon gekropen.

Er zijn allerlei adviezen hoe deze hoornaar in dit stadium te bestrijden, variërend van ‘niet zelf doen’ tot uitgebreide instructies. Ik besloot het nestkastje zorgvuldig dicht te plakken met ducttape, met hoornaarkoningin en al. Een verblijf van 24 uur in de diepvries, aldus het advies van de consulent van het meldpunt Aziatische hoornaar, zou afdoende moeten zijn om déze hoornaarkoningin en haar gebroed zonder gif naar de eeuwige jachtvelden te helpen. Dus het nestkastje ging met wespennest, hoornaar en al in een hermetisch gesloten vuilniszak in de diepvries…

Na een dag bij -18 graden bleek de hoornaar samen met haar nageslacht inderdaad het loodje te hebben gelegd en het mooie papieren nestje was goeddeels in de vrieskou verpulverd.

Imkers in onze omgeving kunnen vooreerst gerust ademhalen.

Share

Een weekje naar Parijs

Met Klaverjasclub Schoppen Negen in gedachten gingen we een weekje naar Parijs. Dit keer niet met onze camper – het lijkt me geen lolletje om met dat ding over de Boulevard Péripherique te rijden, laat staan de Place de l’Etoile.

Met de Eurostar dus, de supersnelle trein die zich met snelheden tot 300 km/u door het landschap spoedt. Of eigenlijk vooral op een spoor met heel veel geluidswallen. Alleen in Noord-Frankrijk zie je wat van het landschap, en bij de steden zie je vooral de rommelige grootstedelijke rafelrand die vaak het uitzicht vanaf het spoor vormt. Maar het schiet wel lekker op, in zo’n drie uur van Rotterdam naar Gare du Nord.

Het openbaar vervoer in Parijs is bijzonder efficiënt. Een weekkaart (Navigo-pas) voor metro, regiotrein, tram, bus en meer kost iets meer dan drie tientjes. De oudere metrostations zijn een wirwar van lange gangen en trappen, niet allemaal voorzien van roltrap, dus dat vormde soms een beetje een uitdaging. We hadden op het grote metrostation Châtelet het idee dat we van de trein naar de metro meer dan een kilometer ondergronds hebben afgelegd. Opvallend (zelf niet gebruikt…) een mooi systeem van huurfietsen die echt overal staan, en een dicht netwerk van fietspaden.

Wat we verder gedaan hebben? Je kunt niet alles, maar wel hebben lekker genoten. De Notre Dame, mooi gerestaureerd na de brand. Door de werkzaamheden ziet alles er weer spic en span uit – in mijn herinnering had het interieur van de kathedraal een fraai patina, opgebouwd door eeuwenlange walm van kaarsen en wierook. Maar het ziet er nu uit alsof de kathedraal eergisteren nieuw is opgeleverd. Praktisch gesproken is dat natuurlijk ook wel een beetje zo.

Boekhandel Shakespeare & Co: een fantastisch samenstelsel van oude panden, volgestouwd met heerlijke (vooral Engelse) boeken, van de vloer tot de zolder. Met een leeshoek met oude stoelen en banken waar literatuurliefhebbers op gemak (gratis) kunnen lezen; er is een enorme keuze. Jammer genoeg mocht je binnen niet fotograferen.

Père Lachaise, met in onze ogen bizarre maar bezienswaardige grafmonumenten en te groot om helemaal te bekijken.

‘Te groot’ geldt ook voor het Louvre, waar we zelfs mét reservering een uur in de rij stonden. Een volgepakte zaal met fotograferende toeristen belemmerde het zicht op de Mona Lisa. Verder veel te veel geweldige kunst, en een loopje langs de Assyrische afdeling bleek erg de moeite waard.

Musée d’Orsay was voor ons in ieder geval nieuw – vooral de prachtige collectie Jugendstil sprak aan, en je ziet er in het echt ongeveer alle impressionistische en expressionistische schilderijen die je ook tegenkomt in de betere kunstboeken.

Musée Carnavalet zette ons eerst op het verkeerde been – het bleek niet om een carnavalsmuseum te gaan, maar om de geschiedenis van de stad. Met heel veel artefacten van uithangborden tot schilderijen, maar ook een enorme reeks bijzonder fraaie stijlkamers. Zeer verrassend en zeer de moeite waard. En het is ook nog eens kosteloos toegankelijk.

En verder is Parijs natuurlijk een bijzondere stad met bezienswaardige straatjes, mooie pleintjes, verrassende doorkijkjes, een tot langwerpig park omgekatte oude spoorlijn, leuke winkeltjes en markten, de protserige Champs Elysées. En een rivier waarop we best een rondvaart hadden willen maken, maar door recente regenval stond het water zo hoog dat de rondvaartboten niet onder de bruggen pasten…

Vijf dagen was eigenlijk te kort, maar het was de moeite waard.

Share

Facebook op non-actief

Even een mededeling van algemeen nut: mijn Facebook-account bestaat nog wel, maar wordt niet meer bijgehouden of geüpdatet. Het account staat, wat mij betreft, op non-actief. Ik laat het account nog wel in stand en zal de komende tijd zo veel mogelijk informatie en foto’s verwijderen – al staat er niet heel veel privacygevoelige informatie op.

Mijn accounts van Instagram en Threads, waar ik toch al weinig mee deed, worden verwijderd.

Dus, interpreteer mijn stilte op Facebook niet als desinteresse of als teken dat er iets loos is. Wat er vooral aan de hand is, is een poging mijnerzijds om, waar mogelijk, los te komen van Amerikaanse Big Tech, zeker waar deze techbedrijven aan de leiband van die Trump lijken te lopen.

Contact kan natuurlijk altijd via de contactpagina van mijn website!

Share

Opereren in de bestuurskamer

Ik had eerlijk gezegd niet gedacht dat ik op mijn 69e nog eens mijn debuut zou maken als auteur van een echt boek. Nu heb ik ongeveer mijn hele werkzame leven een belangrijk deel van mijn tijd besteed aan allerlei schrijverij: eindeloos veel artikelen voor personeelsbladen, persberichten, nieuwsbrieven, websiteberichten, brieven en mails enzovoorts.

Ongeveer een jaar geleden vroeg bestuurslid Patrick Vink van Frisius MC me of ik er wat voor voelde om een boek te schrijven over de geschiedenis van de van oorsprong zes ziekenhuizen die sinds 1 januari 2025 samen Frisius MC vormen. Ik hoefde niet lang over mijn ‘ja’ na te denken.

De samenloop van omstandigheden was dat de oudste rechtstreekse voorloper van Frisius MC, het Stadsziekenhuis in Leeuwarden, tweehonderd jaar eerder het licht zag. Een soort jubileumboek dus. Alle medewerkers krijgen het in december 2025 als een extraatje bij hun kerstpakket.

Nu had ik altijd al belangstelling gehad voor de bedrijfsgeschiedenis van (toen nog) MCL, en ik had daar al eerder een filmpje over gemaakt en verschillende praatjes over gehouden, dus ik zat al wat in de materie. En het was trouwens niet de eerste keer dat ik een bedrijfsgeschiedenis heb geschreven: bij het 75-jarig bestaan van Woningbouwvereniging De Dageraad, lang, lang geleden mijn werkgever, was ik ook al eens de archieven en de jaarverslagen ingedoken. 

Het is gewoon erg leuk werk – stapels archieven doorworstelen op zoek naar een goed verhaal. Uitgangspunt bij het boek was – voor mij althans – dat het ook lekker leesbaar moest zijn én vooral met heel veel afbeeldingen.

Er zijn heel veel ziekenhuizen die hun geschiedenis hebben beschreven. Frisius MC is een samenstelling van niet minder dan zes ziekenhuizen: drie in Leeuwarden, twee in Harlingen, een in Heerenveen. Dat maakte de klus extra interessant en ook wel iets gecompliceerder.

Mag ik nog eens benadrukken dat het archiefwezen in dit land van een hoog niveau is, én dat allerlei archieven zich beijveren om stukken digitaal beschikbaar te maken? De website van Historisch Centrum Leeuwarden was onder meer voor de foto’s een belangrijke bron voor de geschiedenis van de Leeuwarder ziekenhuizen. Ook veel ander archiefmateriaal is online te vinden.

Je komt al schrijvende de meest bizarre zaken tegen: patiënten die weken- en wekenlang in het ziekenhuis verblijven – die vandaag de dag misschien alleen de polikliniek zouden bezoeken. Arbeidsomstandigheden die naar huidige maatstaven volkomen onvoorstelbaar zijn. Primitieve en onhygiënische toestanden in de 19e eeuw. Vrijgevestigde artsen en confessionele ziekenhuizen die elkaar om het leven beconcurreerden (en niet op kwaliteit). Behandelmethoden die gelukkig verdwenen zijn zoals de lighal voor TBC-lijders. Eén bizar feit werd de titel: ‘opereren in de bestuurskamer’. Dat was in het Stadsziekenhuis in Leeuwarden ooit werkelijkheid. De bestuurskamer werd in de 19e eeuw ook voor een handvol ‘operatiën’ per jaar gebruikt.

Het is een kloek boek geworden, maar als je de fusieperikelen, willige en onwillige bestuurders, hardwerkende verpleegkundigen, innovatieve artsen, verbouwingen en verbeteringen, bijzondere behandelmethoden en nog veel meer echt recht wil doen, dan kun je alleen al voor Frisius MC een middelgrote encyclopedie vullen. En het moest wel leesbaar en handzaam blijven. Dus ik moest keuzes maken.

Wat viel verder op? Het feit dat je een geschiedenisboek schrijft waarbij je een deel van die geschiedenis – de laatste ruim 30 jaar – zelf hebt meegemaakt. De hulp van zeer velen: bij het samenstellen van het boek, het regelen van foto’s, het proeflezen, en vooral het vertrouwen van de kant van de Raad van Bestuur van Frisius MC. In het bijzonder gewaardeerd: de samenwerking met Willemijn van Dam en andere (oud-)collega’s van de communicatieafdeling van Frisius MC, met vormgeefster Christien Munters, met Bert Dekker van Dekker Creatieve Media & Druk. Het maakte het hele proces tot een bijzondere ervaring – bekroond met het moment dat je het eindproduct in handen krijgt, en vooral de boekpresentatie op 10 december, in het Leeuwarder stadhuis, met bestuursvoorzitter Erica Schaper van Frisius MC, locoburgemeester Gijs Jacobse en andere hoofdrolspelers in de totstandkoming van het boek. 

Ik hoop maar dat veel lezers het boek net zo leuk gaan vinden als ik.

De boeken zijn vanaf dinsdag 16 december 2025 verkrijgbaar bij onderstaande adressen; een zeer significant deel van de opbrengst uit de verkoop gaat naar de Stichting Vrienden van Frisius MC, die mooie dingen voor patiënten doet. Daar word ik extra blij van! 

  • Boekwinkel Boek & Zo in Frisius MC Leeuwarden
  • Brasserie Z!N in Frisius MC Heerenveen
  • Boekhandel Binnert Overdiep Heerenveen
  • Van der Velde Boeken Leeuwarden, Harlingen, Dokkum, Drachten en Sneek 
  • Historisch Centrum Leeuwarden

[Foto: vlnr Bert Dekker van Dekker Creatieve Media & Druk, Erica Schaper, bestuursvoorzitter Frisius MC, Gijs Jacobse, locoburgemeester, Frits Mostert, auteur, Christien Munters, vormgever Projectkracht C, Willemijn van Dam, Bedrijfskundig Manager Communicatie en Marketing Frisius MC.]

Share

De Dageraad

Het woningcomplex van De Dageraad in Amsterdam-zuid, van architecten Michel de Klerk en Piet Kramer, is een van de mooiste voorbeelden van de architectuur van de Amsterdamse School. Golvende daken, torentjes op het centrale plein, verticale vlakken dakpannen, allerlei soorten baksteen in de meest uiteenlopende metselverbanden en zelfs de voegen hebben een kleur die overeenstemt met de kleur van de baksteen. Je komt ogen tekort.

Het was het eerste woningproject van de Amsterdamse Woningstichting De Dageraad. In 1922 was het complex voltooid – op een terrein en een stratenplan dat oorspronkelijk bedoeld was voor een ziekenhuis. 

Ik ken het nog uit de tijd dat ik werkte bij de Amsterdamse Woningbouwvereniging De Dageraad, van 1983 tot 1991. Ik was daar onder meer verantwoordelijk voor communicatiezaken. 

Mijn Dageraad-ervaring van vele jaren geleden was voor mij ook een reden om het Dageraadmuseum te willen bezoeken dat sinds enkele jaren in een van de oorspronkelijke winkelpanden is gevestigd. Het is een dependance van het grotere museum in dat andere toonaangevende Amsterdamse Schoolcomplex: Het Schip. Prijzenswaardig detail: op het museum in de Burgemeester Tellegenstraat hangt de rode vlag aan de vlaggenstok. De Dageraad was immers sterk geworteld in de sociaaldemocratie. 

Het museumpand zelf is betrekkelijk klein – informatie over de architecten, over Plan Zuid (ontworpen door Berlage) en dergelijke. Er is een aardig ingerichte kamer in de stijl van rond 1925. 

Het eigenlijke museum, hield de (vrijwillige) gids ons  voor, is veel groter dan het winkelpand: namelijk het woningcomplex zelf. En daar had-ie gelijk in. Tijdens een rondleiding wees hij het groepje geïnteresseerden in zijn kielzog vol enthousiasme  op de bijzondere details waarmee de architecten de volkswoningbouw naar een hoger plan wilden tillen en een bijzonder esthetisch geheel creëerden. Balkonnetjes die nauwelijks méér zijn dan een fraaie architectonische toevoeging, ze zijn niet echt functioneel. Uitbouwen die de aanblik van het complex completeren, maar waarvan je je afvraagt of de bewoner die überhaupt kan gebruiken. Op de nok van een van de daken: de haan die de rode dageraad kraait, die je ook ziet in het logo dat de architecten ontwierpen voor de woningstichting. Golvende baksteenelementen, erkertjes in trappenhuizen en uitkragingen die er eigenlijk alleen maar voor het mooi zijn. Het Rijksmonument (sinds 1974) wordt uiteraard gewoon bewoond. 

Ik dacht dat ik wel wat van het complex van De Dageraad afwist, maar een deskundige gids  biedt absoluut meerwaarde en laat je zaken zien die je anders misschien volstrekt zou missen. Zoals het bibliotheekgebouw (‘leeszaal’) in de Coöperatiehof, ter verheffing van het volk.

Ik heb voor de zekerheid nog eens de geschiedenis  van De Dageraad nagelezen die ik in 1991 schreef bij het 75-jarig bestaan van De Dageraad. Hier als download (pdf, ca. 7 mb), zie pagina’s 5-10.

Share

Een schitterende mislukking

Als je in Noord-Frankrijk rondreist met de camper ontkom je er als goedwillende toerist niet aan om een of meer gotische kathedralen te bezoeken. Het noorden van Frankrijk is een streek waar de gotische bouwkunst zijn absolute hoogtepunt bereikte. Middeleeuwse bisdommen beconcurreerden elkaar: wie zou de mooiste, grootste, rijkst versierde kathedraal kunnen bouwen?

Bij een bezoek aan zo’n kathedraal duizelt het je soms van de hoogte, de luchtbogen, het gebrandschilderd glas, de eindeloze hoeveelheid beelden, de omvang van het bouwwerk dat met veel vakmanschap maar met middeleeuwse gereedschappen tot stand werd gebracht. Geen wonder dat er soms eeuwen aan werd gebouwd – maar dan heb je ook wat.

Gelukkig hebben de meeste kathedralen de tands des tijds, oorlogsgeweld en soms ondeskundige restauraties redelijk goed overleefd. Soms zie je nog een middeleeuwse bezuinigingspost in beeld: bijvoorbeeld twee torens van verschillende hoogte.

In veel gevallen is de gotische kathedraal de vervanger van een eerder bouwwerk dat er nu uiteraard niet meer is. 

In de stad Beauvais hebben ze een vrij unieke situatie. Men wilde de hoogste gotische kathedraal van de hele streek bouwen, als vervanging van een romaanse kerk uit de tiende eeuw. Ze begonnen met het koor van de kerk. Het oude romaanse kerkje bleef zo lang nog in gebruik. En, ere wie ere toekomt, het koor is qua hoogte onovertroffen. Alleen – in 1284, dus niet zo lang na de voltooiing van het koor in 1272, stortte een deel in en was herstel nodig. 

Ook de toren moest hoger worden dan alle andere. Omdat de kerk eigenlijk nog maar half af was, werd een vieringtoren gebouwd, op de kruising van koor en transept. Een toren die meer dan 150 meter hoog is geworden. Ook de toren, voltooid in 1569, was maar een vrij kort leven beschoren – na vier jaar stortte de toren in.

In 1573 gooiden de bouwers de handdoek in de ring.
Aan het schip van de kerk, die de hoogste, grootste en mooiste in zijn soort had moeten worden, zijn ze nooit echt toegekomen.
En dat resulteerde in een bijzondere situatie.
Op de plaats waar het schip van de kerk had moeten komen staat nu nog steeds een deel van het tiende-eeuwse romaanse kerkje waarvoor de machtige gotische kathedraal in de plaats zou komen. En dat leidt tot het bizarre beeld van een eenvoudig stokoud kerkje, een bouwkundige dwerg, dat aansluit op het reusachtige, misschien wel meest indrukwekkende gotische koor van de wijde omgeving.

En zelfs het interieur van dat indrukwekkende gotische koor wordt ontsierd door enorme houten stutten. Er zit werking in het gebouw, ontdekte men aan het einde van de 20e eeuw.

Er is een filmpje op YouTube dat het mooi laat zien. 

Share